Ontspullen

(pavlina) #1

Het vuur was begonnen door een sigaret die in appartement 2424 op het balkon
was gegooid, zo bleek later uit onderzoek dat een week in beslag had genomen.
Normaliter zou één enkele sigaret niet zoveel hebben uitgemaakt, maar dit
appartement stond van de voordeur tot aan het balkon tjokvol spullen. De stapels
bestonden voornamelijk uit juridische stukken en boeken die de bewoner,
Stephen Vassilev, had gebruikt om een rechtszaak te voeren over enkele huizen
die hij in de stad had gehad. In zekere zin was nummer 2424 niet zozeer een
appartement-met-slaapkamer als wel één grote tondeldoos van vijftig vierkante
meter.


Vijf verdiepingen hoger, op de 24ste verdieping, togen de eerste
brandweerlieden naar de betreffende deur, waar ze onmiddellijk werden
teruggedrongen door een zó intense hitte dat de deur van het appartement
ertegenover al snel begon te branden. ‘Het was een helletunnel,’ zou een
brandweerman later zeggen.


De mannen van kazerne 313 reageerden door meer materieel en meer
mankracht in te schakelen. Uiteindelijk zouden er meer dan 300 brandweerlieden
en 27 brandweerwagens bij worden betrokken. In plaats van slangen van de
gebruikelijke 4 cm doorsnee gebruikten ze slangen van 6,5 cm doorsnee.
Daarnaast gebruikten ze een grondmonitor: een apparaat dat de brandweer in
extreme situaties gebruikt om één enkele waterstroom te creëren waarmee per
minuut een hoeveelheid gelijk aan ruim dertig volle badkuipen op het vuur kan
worden gespoten. Vanwege de hitte in die helletunnel plugden de eerst
gearriveerde brandweerlieden hun slangen in de ene kant van dit apparaat en
creëerden ze aan de andere kant een rivier van water die naar het vuur stroomde.
Tegelijkertijd besproeiden ze zichzelf met water, om te voorkomen dat hun
pakken zouden smelten en hun huid zou verbranden.


De hitte in die gang was afgrijselijk, maar de brandweer moest ook rekening
houden met rook en gassen. Bij huisbranden is het inhaleren van rook tenslotte
doodsoorzaak nummer één. De rook was zo dik en verspreidde zich zo snel dat
het mensen tot op de elfde verdieping – dertien verdiepingen lager! – terug
dwong in hun appartementen. Dus terwijl een aantal brandweerlieden het vuur
bestreed, waren anderen bezig de bewoners van de woontoren in veiligheid te
brengen. Ze verspreidden zich door de hele toren, van begane grond tot en met
de dertigste verdieping, klopten op deuren en trapten die in wanneer niemand
reageerde. Zo zorgden ze dat de bewoners uit het brandende huis in de veilige
beschutting van het gemeenschapscentrum konden komen.

Free download pdf